Van een paar kanten kreeg ik het verzoek om mijn teksten
die nogal rap voorbij vlogen in ‘De Wereld Draait Door’ op
de site te zetten, zodat duiding en motief voor een bepaalde
keuze nog eens nagelezen kan worden.

Op 17 augustus j.l. ontving ik een mailtje van Sander van den
Eeden, (redacteur Vara, DWDD) met de vraag of ik
in de week van de vernieuwende televisie, mijn voorbeelden
van vernieuwende televisie uit de geschiedenis van het
medium wilde aanprijzen.
Leuk idee!
Nou lijken de media al jarenlang met elkaar te hebben
afgesproken dat er maar één iemand is, wiens oordeel over
televisie er toe doet, daarom was ik wel nieuwsgierig waarom
men mij vroeg.
Men wilde wel eens een ander gezicht en als het over
vernieuwing ging, waarom dan niet de grootste vernieuwer
van televisie zelf gevraagd.
Hoeveel stroop kan een mens verdragen, voor het gewicht
hem door de knieën jaagt.
Van den Eeden vroeg om 5 voorbeelden van 1 minuut.
Voorbeelden van vernieuwende televisie in 1 minuut
motiveren, duiden en tonen, vond ik op zich al een
vernieuwing. ‘Maar’, zo zei Sander, ‘dat is nou eenmaal
de hartslag van DWDD’.
Ik accepteerde, dacht na en schreef op:

1.

In den beginne was er niets en toen was er televisie.
Variété als amusement, toneel als drama, zang en dans
als voorstelling. Er was, wat er was maar nu kwamen er
camera’s bij om het te fotograferen en op een klein zwart/
wit schermpje in huiskamers af te leveren.
Een referentiekader was er niet, per definitie was alle
televisie nieuw. Eind 50er, begin 60er jaren waren er
pioniers die televisie tot meer maakten dan een doorgeefluik
van een gebeurtenis.
Leen Timp was met Kunstgrepen, de vernieuwer van de
soberheid.
Frans Peter Wirth vernieuwde met zijn Luther verfilming
het drama...
.. en in Nederland schiepen Jef de Groot en Ton van
Duinhoven de literaire show. De creatieve potentie van het
medium werd zichtbaar.
Roep me maar....

Captions:
Auteur: Hugo Claus
Productie en regie: Jef de Groot
3.5.1961

2.

Vernieuwende televisie is in mijn definitie televisie
die verrast en emotioneel overrompeld. Een voortzetting
van wat er al is vanuit een andere invalshoek, vorm of
toon. Dorus, maakte van Variété televisie.
Zonder Tom Manders geen Rudy Carrell.
Amusement, gericht op lachen, ontroeren en paaien van een
paar mensen in de huiskamer.
Vernieuwend was de toon van Willem Ruis. Hij doorbrak
het keurige formuleren, aaien en likken. Hij was aardig,
pissig en nam geen blad voor de mond.
Zonder Willem geen Paul de Leeuw. Paul heeft katten,
jennen en beledigen tot nieuw credo gewekt.
Zonder Paul geen Gordon en Jolink. De uiteen gevallen
toppers die de grens van wansmaak, grof gebektheid en
onderbroeken lol nog een stukje hebben opgerekt.
Vanavond de vernieuwer van de toon, Willem Ruis.

Fragment uit ‘Willem Ruis een terugblik’.
waarin Willem het publiek uitkaffert
bij een finalegame.

3.

Er is een vorm van televisie die haar oorsprong vindt
bij de potsenmakers op de Jaarmarkt. Figuren uit de
Commedia dell’ Arte die door de tijd vervloeiden naar
allerlei andere stereotypen. Van Jan Klaassen en Katrijn
tot Snip en Snap.
De Arlecchino, stond model voor de clown, de stoute
grappenmaker met ontroerende inborst, zoals Charlie
Chaplin.
In ‘88 diende zich in Veronica’s kinderprogramma B.o.o.s.
een nieuw fenomeen aan.
Een man van 20 die er uitzag als een ventje van 12.
Gele haren, geleerde bril, brutale toon.
In 99 was hij oprichter, voorzitter, presentator en
boegbeeld van zijn eigen publieke omroep BNN.
Een zender met de toon van Pietje Bel en Giel de la Tourette.
‘Belletje trekken' kreeg door hem een nieuwe dimensie en 
leidde tot vele vernieuwende provocerende programma’s.
Bart de Graaff.

4.

Koos Postema is een man met grote verdiensten voor het
bespreekbaar maken van moeilijke onderwerpen. Zonder
een Groot Uur U, geen taboedoorbrekende televisie van
Paul de Leeuw. De creatieve koorddanser die de geniale
inval, afwisselt met de spontane adremheid van de mislukte
grap. Wim Schippers is een vernieuwer. Authentiek
kunstenaar met een sterk persoonlijk gebonden oeuvre.
Vpro’s Hoepla doorbrak de truttigheid van
jongerenprogramma’s. Gat van Nederland, gemodelleerd
naar het Amerikaanse Dreammachine, was ‘n
inhoudelijke en esthetische vernieuwing. De VPRO was
sowieso jarenlang toonaangevend in vernieuwende televisie.
In belangrijke mate geïnspireerd door een jonge, ambitieuze
graficus.
Hij speelde net als ik met de illusie van het 3 dimensionale,
op het 2 dimensionale beeldscherm.
Dat leidde tot briljante vernieuwingen in de beeldtaal van
het medium.
Jaap Drupsteen.

Illustratie met VPRO Leaders
Fragment uit Hertejoch Zanker NPS 1983

5.

Programma maken is een idee en de omzetting daarvan.
Big Brother is een oorspronkelijk idee. Onbekende mensen,
kijken naar andere onbekende mensen die niks
bijzonders kunnen, noch iets te melden hebben. Dat simpele
gegeven, maakte van onbekende mensen helden.
Het vraagt lef en moed om zoiets uit te zenden en het hoort
zeker bij vernieuwende televisie.
Televisie is veranderd van televisie waarbij het programma
voorop staat, tot marketing televisie. Het programma als 
aantrekkelijk product voor de adverteerder.
De publieke omroep heeft die focus niet maar gedraagt zich
wel zo.
Tot slot een vernieuwend programma dat iets totaal
baanbrekends had kunnen worden, maar volledig mislukt
is.
Zonder risico geen vernieuwing. De bedenker is een moedig
man, omringd door enthousiaste televisiemensen, die hem
niet goed begrepen hebben....

(Heerlijk eerlijk Heertje.)

Met bijdrage 5 is iets eigenaardigs gebeurd.
Die is niet uitgezonden.
Sander van den Eeden belde mij op en legde uit dat de
oorzaak lag bij een redactiemedewerkster die de licentie-
aanvraag voor een fragment uit Heerlijk eerlijk Heertje
had laten liggen tot de middag van de uitzending.
Heertje, die toch nog een appeltje te schillen had met DWDD,
weigerde toestemming.

6 september 2009
Bob Rooyens

Cherubijntje
(Joost van den Vondel)
Albert Verlinde is nooit te beroerd om als boegbeeld van darm-
en onderbuikpubliek, met vals slijm, likken uit te delen  aan zijn
kruiperige volgelingen.
Die variëren van onbeduidende byzantinisten tot onaantastbare
iconen.
Zeg maar van Mies Bouwman tot het zangeresje dat in één
van zijn eigen musicals staat.
Daarnaast en eerlijk gezegd kan ik, op de spaarzame momenten
dat mijn hart, lever en nieren het aankunnen om de man te zien
en te horen, nog wel eens hartelijk lachen om de manier waarop
hij met stralende ogen en guitige trek om de mond het dartele
showbiz-vee naar de slachtbank leidt.
De slacht wordt dan beloond met hartelijk gelach door de kompanen
van dienst.
Ooit zaten daar wel eens mensen met een eigen opvatting en
een gezond verstand dat nog niet verpest was door geld en
afhankelijkheid, zoals Daphne Bunskoek en daarvoor Beau van
Ervan Dorens.
Beau’s kritische toon ten aanzien van de Messias van de stront
leverde hem een karaktermoord op.
Scrupules zijn voor Verlinde het argument om iets juist wel te laten zien.
De God van de stront vindt het schandelijk dat mensen geld vragen
voor foto's van een voetballer die een meisje van een Volendamse
zanger kust in een parkeergarage.
Tegenwoordig zit er op de stoel van Beau en Daphne een man met
een gerespecteerde naam uit de wereld van de cinema die voor wat
aandacht en een paar centen Albert wel een opkontje wil geven:
'Hebben wij die foto"s?'
Ja hoor’, zegt de Messias, ‘wij hebben ze’.
Maar ja, zoiets gaat ons toch niks aan, dat is toch privé’, probeert de
aangever nog.
Even lijkt het erop alsof het fatsoen wint....
Maar dan zegt de heilige koning van de drol dat de journalist in hem
eist, dat de foto's vertoond worden.
Zo ging het daarvoor ook met Georgina Verbaan en anderen.
Het is de huichelachtigheid die zo kwetsend is.
Daarom was het zo geweldig dat BNN hem zo geniaal te kakken
heeft gezet.
Mij interesseren de verhalen aan de keukentafel of in bed met zijn
partner totaal niet. Maar het feit dat hij in de val gelopen is, vind ik
ronduit meesterlijk. Z'n onstuitbare ijdelheid was groter dan z'n
achterdocht. Hij voelde even hoe het is om professioneel genaaid te worden.
Toen ik vanavond na het verbod op uitzending van de rechter zijn
commentaar hoorde in Één Vandaag, gleed die triomfale glimlach alweer
van oor tot (gouden) oor.
De rechter beschermt de God van de stront.
Hij heeft iets meegemaakt wat maar weinig Nederlanders in hun leven
hebben meegemaakt, zei hij.
De begenadigde artiest die maar niemand vond om zijn talent te
herkennen, toonde voor de camera het ongelijk van zijn beoordelaars.
De ogen toonden pijn, het gezicht pruilde van aangedaan onrecht,
de mond zei:
‘Wij zijn in onze privé-sfeer aangetast. Wij zijn afgetapt door de Publieke
Omroep, door BNN en die hebben meegeluisterd naar ons leven.’
Zouden Verbaan en van Erven Dorens en Meuldijk en Manon Thomas,
niet naar de rechter kunnen om de God van de stront, alsnog te laten baden in
zijn eigen uitwerpselen.

Moeder, zeit hij waarom schreit gij?
Waarom greit gij, op mijn lijk?
Boven leef ik, boven zweef ik,
Engeltje van 't hemelrijk:
Joost van den Vondel

17.07.09
Bob Rooyens

Naschrift: Songfestival
Wekenlang ging de scheur van Gordon
wagenwijd open.
Hij zou meelopen in de demonstratie en als die
door de politie uiteen zou worden gedreven of
geslagen, dan zou hij niet deelnemen aan de
finale.
De NOS, zou in dat geval, uitzending van de finale
boycotten.
Dat dilemma deed zich niet voor, omdat hij
ook wel wist, dat bij alle natte dromen die al
in vervulling waren gegaan, Shine, ondanks al
die wezenloze en hersenloze BN'ers die het
zo’n geweldig nummer vonden, niet verder
zou komen dan het afvalputje.
Jan Mulder, ooit een serieus te nemen
criticaster van opportunisme, wansmaak en
populisme, vond het optreden van de Tobbers
in "De Wereld draait door",geweldig!

Corrumperen blijkt ongelooflijk makkelijk als je
publieke existentie in het geding is, nietwaar
Jan?

De NOS zou, mocht iemand in elkaar worden geslagen
de uitzending boycotten!
Misschien was de aanleiding de moedige daad van
Gordon om zich in de frontlinie van de demonstratie
te begeven.
Gordon is iemand die veel mensen weet te betoveren.
Van de minister van Cultuur (mind you een Beta-
wetenschapper) tot en met z'n twee gabbers in
het songfestival.
Vanmiddag toen de homo's uit elkaar werden
gejaagd door de politie, zat Gordon in het hotel
op z’n krent naar de beelden te kijken.
Hij wilde er wel bij zijn, maar helaas zijn veiligheid
werd niet gegarandeerd.
Zoiets als Nelson Mandela die tegen het Zuid-Afrikaanse
gezag zou zeggen: Ik strijd tegen apartheid, maar als
jullie me opsluiten, dan houd ik m'n mond'.
Wat een flapdrol!
16 mei 2009
Bob Rooyens

 

Songfestival
De eerste halve finale is achter de rug. Mocht ik punten
toekennen dan wordt dat 0 Kelvin. Een groter dieptepunt
is volgens mij nog nooit bereikt en nou moet Nederland
zich nog belachelijk maken met Shine, uitgevoerd door 3
vette heren in een hysterisch pak uit de garderobekast van Liberace.
Een volslagen fantasieloos stupide lied, dat ontsnapt is uit
het psychiatrisch-dynamische brein van Gordon.
Dat die man niet spoort, zou toch zo langzaamaan voor
iedereen wel duidelijk moeten zijn.
Afzeiken, uitkafferen, ruziën, beledigen, dan weer janken,
klagen, zielig zijn, ongelukkig zijn. Jojoënd van politieke
schandknaap tot politieke held. Van slijmend aan de
volkspopulaire rok van Rita tot aan de homoheld van
de hoed. Onze cultuurtribuun die staat te trappelen om in
de populariteitspool van zonnekoning Gordon een straaltje
mee te pikken.
NOS directeur Gerard Dielessen, is ook al meegezogen in de
slipstream van het grote licht. Als de politie zaterdag de
homodemonstratie uiteen jaagt, doet Nederland niet meer
mee.
Nou deden ze dat onder de bezielende leiding van Dielessen
al jaren niet meer, maar dit terzijde. Was het songfestival
eerst alleen nog maar verworden tot een belachelijk,
liefdeloos, lawaaierig, spektakel voor homo’s, nu wordt de
malaise gedeeld met een politiek en sociaal statement van
de Nederlandse Omroep Stichting.
Bij eerdere festivals heb ik Dielessen nooit gehoord over
armoe, onderdrukking van mensenrechten, dubieuze
politieke standpunten van organiserende en deelnemende
landen. Trouwens ook niet onze flamboyante Aristide
Bruant, noch enig ander lid van de Nederlandse regering.
Het kan bijna niets anders zijn dan Gordon’s magische
persoonlijkheid die zoveel mensen in de war brengt.
Cornald Maas, eloquent taalvirtuoos, die helaas in navolging
van Mathijs van Nieuwkerk ook probeert zoveel mogelijk
woorden in zo min mogelijk tijd te proppen, relativeerde
de heisa gelukkig in een radiointerview.
In Moskou weet, afgezien van de Nederlandse delegatie,
niemand wie Gordon is, zei hij. 
Maar de hoed roept zijn Russische collega ter
verantwoording en volgens de kranten siddert de
burgemeester van Moskou, want ook als de Toppers niet
verder komen dan de halve finale, dan nog blijft Gordon in
de stad, om mee te lopen in de demonstratie.
Weer zo’n prachtige, solidaire, door de Nederlandse regering
gesteunde actie van Gordon, waar de Moskovitische homo
volgens Nova, totaal geen behoefte aan heeft.
Maar Gordon is in town en dat zullen ze weten ook.
13 mei 2009
Bob Rooyens

Aanvulling:
Aanleiding om bovenstaande column te schrijven was de
abominabele vormgeving van het songfestival.
Led’s en led’s en led’s en niemand met enige smaak.
Kleuren die schreeuwden, tierden en vloekten.
Voorstellingen en patronen, die naar het leek, lukraak
op de schermen werden afgevuurd. Natuurlijk weer de
vlammen, de wolken en de raderwerken.
De beeldregie knalde als een kip zonder kop shots aan
elkaar waaraan elke context ontbrak. De steadycam-
operators renden van links naar rechts, de kraan vloog weer
alle kanten uit en de camera achter het publiek reed
doelloos op en neer.
De inleidende filmpjes zijn gemaakt naar analogie van een
reclamespot waarvan de attentiewaarde na 15 seconden
toch echt versleten is.
Dus, om één van de trouwe lezers van de columns, die
vroeg wat ik ervan vond niet teleur te stellen:
ik vond het helemaal kut.


50 jaar Studio Sport.

Zondag 5 april, Studio Sport viert feest. De feestgangers troffen elkaar in
''De Reünie' de door de KRO geconfisqueerde versie van ''Klasgenoten'.

't Was niet bepaald een leuk feestje. Veel stoffage, weinig warmte.
De animositeit onder de heren was zelfs bij de gepensioneerden als
Theo Reitsma, nog pijnlijk aanwezig. De verslaggevers, over het algemeen
vlot gebekt, wisten zich wel te weren, maar het plezier van een ouwe jongens
krentenbrood ontmoeting wilde er maar niet inkomen. Ook wel logisch, want
een reünie leeft van de herinnering.
Sommige van de heren leden aan geheugenverlies. Kees Jansma althans kon
zich niets meer herinneren van een paternalistische uitval tijdens zijn chefschap
tegen Joan Haanappel. Die had het als verslaggeefster gewaagd om tijdens een
kampioenschap een mening te hebben over bobo’s en een selectieprocedure.
Bij Kees gold echter het adagium: verslaggevers doen verslag en hebben geen
mening. Kees bleek een regent die in de periode van zijn bewind een gebrek
aan gezag compenseerde met aanvallen van woede. In drift werden verslag-
gevers ontslagen om na enige bezinning weer te worden aangenomen.
Dat klinkt wel koddig, maar toch kon niemand er echt om lachen. Dat men
elkaar weinig gunt, bleek ook wel uit het sympathieke filmpje rond Herbert
Dijkstra. Autodidact pianist, mooi verhaal over zijn Russische connecties en
een liefdevol gebaar naar zijn dochtertje verrasten mij. Je verlangd na zo'n
filmpje naar een empatisch applausje van de collega's. Iets van instemming of
waardering. Maar 't kon er niet af. 't Kon er bij geen enkel filmpje dat ik gezien
heb vanaf. Koos Postema werd er ongemakkelijk onder en beëindigde godzijdank
de akelige pauze na een clip met een waarderende opmerking.
Niemand voelde zich op zijn gemak. Frank Snoeks in mijn ogen verreweg de
beste commentator die men bij Studio Sport heeft, (kennis van zaken gepaard
aan een verfrissend origineel en geestig vocabulaire) kwam nauwelijks aan het
woord.

Waarom een volledige ploeg naar de andere kant van de wereld is gegaan voor
een filmpje over de vermeende bloedband van Griselda Visser met een voorvader
uit Burkina Faso is een programmatisch raadsel. Ik geef toe die vrouw is een
'Schmukstück uit de vitrine, maar toch niet bepaald het watermerk van S.S.
(Kill your darlings!)

De ego’s van het klasje stonden strak als stramme kabouters na een rondje viagra.
Weinig relativering, veel zelfingenomenheid. Uit niets bleek enige waardering
voor elkaar.
Een hydra met glad gepolijste giftanden.
Onontkoombaar voorgezegd door de KRO-presentator mocht Jack van Gelder
zich van zijn collega's een vakman noemen. De instemmende reactie was zo dun
dat Jack er maar niet al te veel waarde aan moet hechten.

En dan die grenzeloze ophemeling van de manier waarop sport in beeld wordt gebracht.
Dat hoor je ook alleen maar binnen de kring van Sport in Beeld zelf. Daar worden
veren van de Paradijsvogel in reten gestoken, waar toch veeleer een kippenveertje
op z'n plaats zou zijn. Volgens mij valt er aan het in beeld brengen van Sport nog veel
te verbeteren. De lofzangen die binnen de kathedraal van Studio Sport echoën over
het in beeld brengen van een wielerwedstrijd bijvoorbeeld, zijn werkelijk onnavolgbaar.
Als koersregisseur volg je met een stuk of 4 mobiele camera's een ploeg renners die
ergens opstappen en ergens anders weer afstappen.
Soms ook onderweg en dan heet het drama.
De regisseur hoeft deze acteurs niet te auditeren, noch te engageren.
Hij hoeft niks te repeteren, hoeft geen dramaturgie te bedenken, noch een lichtplan of
decor. Een camerascript is ook al niet nodig, noch ideeën over design of over een
stilistisch vormgevingsconcept. Hij moet gewoon de koers volgen. Rijdt er één weg
dan verteld de GPS hoe ver die vooruit is.
Je brengt de wegloper en de achtervolgers in beeld.
Klaar!
Soms is er een waaghals die nog wel eens een splitscreen aandurft. Dan worden
twee of drie camera’s tegelijk in beeld gebracht maar bijna altijd in uitsnedes en
richtingen waardoor het lijkt of de renners allemaal een andere kant uitfietsen.
Je zou willen dat zo’n mixeffect spanning brengt, de strijd voelbaar maakt tot op
het bot, maar door gebrek aan regie van de verschillende cameralieden ziet de
beeldcompositie eruit als een uit het luchtledig gecreëerd beeld van een psychoot.
Het is de beeldtaal waar je bij Monty Python om moest lachen, maar waarvan je
bij sport bijna gaat janken. Na zo’n regievondst is de beeldtaal van de sportregisseur
uitgeput. Het sportvocabulair bestaat uit het kiezen van aangeboden beelden en de
herhaling daarvan. De regisseur bedenkt voor de koers helemaal niks en kan ook
helemaal niks bedenken over strijd noch pech. Over winst noch verlies.
Hij gaat daar niet over. Op zijn best en dan doet hij z'n vak gewoon goed, heeft hij
een strategie die is voorbereid op een aantal varianten van het koersverloop.
De dramaturgie van de uitzending, is de ontwikkeling in de koers. Daar komt geen
scenarist, dramaturg, componist, of designer aan te pas. De koers zelf is soms niet
om aan te zien. Daar zou in de eerste plaats de koersleiding over na moeten denken,
maar het is ook de taak van elke regisseur om zich te bekommeren over de bouw,
de ontwikkeling en de spanningsboog van zijn programma. Een regisseur moet
iets bedenken waardoor de dooie momenten kunnen uitgroeien tot hoogtepuntjes
tijdens de status quo van het peloton. Hij (of zij) moet vooral ook voorkomen,
dat verslaggevers gaan denken dat ze het totale gebrek aan strijd en spanning
kunnen verhullen door allerlei ditjes en datjes uit hun database aan de kijker te
serveren als informatie die er toe doet.
Nog erger wordt het als een renner wegrijdt, de verslaggever opveert en roept
"Wat een koers!' waarna blijkt dat de man alleen maar even naar voren reed om
zijn blaas te legen.
Vertel ook je verslaggevers dat het journalistieke niveau dient uit te stijgen boven
het oplepelen van woonplaats, lengte, gewicht en voornaam van vriendin of vrouw
van de renner.

De Duitse sportverslaggeving had voor een dooie koers korte filmpjes klaarliggen
over renners, ploegleiders, soigneurs, chauffeurs en aanverwante relevantie.
Studio Sport doet niks.
Men brengt een peloton in beeld van een ouwehoerend fietsclubje of een pittoresk
landschapje en intussen lullen de verslaggevers maar een eind in de ruimte.
En als er dan in de laatste 15 km wordt gedemarreerd, de locomotief van de ploeg
de coupeetjes aankoppelt om de sprinter naar de meet te trekken voor de zoveelste
massasprint, dan roepen ze juichend: 'wat een finale, geweldig, geweldig....!!!!'
De juichtoon moet de sof van vele uren koers zonder strijd doen vergeten.
Fout!
Het was een koers van niks en een finale zoals de meeste anderen.
Neem je kijker toch eens serieus!

Smeets heeft er ook zo’n handje van, om door zijn voorgebonden loftrompet
iedereen die een camera vasthoudt te bejubelen als z'n lievelingshondje, terwijl ik
toch niet vaker dan elders zie dat iemand zijn werk goed of minder goed doet.
Hij kan prachtig strak in de camera kijken en met een geweldige vanzelfsprekendheid
woorden aaneenrijgen tot onbegrijpelijke taal.
Als de syntaxis al klopt dan heb ik vaak het gevoel dat hij met de overtuiging van de
Heilige geest dingen beweert, die kant nog wal raken.
(Ria Visser herkent dat feilloos en kan hem dan ook vol onbegrip en met
enige verbijstering aankijken. Heerlijk om te zien!)
Gelukkig is Smeets ook iemand die beschikt over het enzym dat alles wat hij zegt
weer verteerbaar maakt en terugbrengt tot de wet van de thermodynamica;
(uiteindelijk wordt alles stront) z’n sympathieke vermogen tot zelfrelativering.

Wordt het verslaan van het live sportevenement zwaar overschat, zo worden de eigen
documentaires misschien wel onderschat. 'k Heb van Tom Egbers mooie films gezien.
En de reportages en documentaires van Smeets zijn vaak fascinerende inkijkjes in het
leven van de sporter.

De toekomst rolt door. Diona het pittige intelligente anchorzonnetje van nu is bezig
om alle schroom van zich af te zetten en de patriarchale toon van Mart door te knippen
als de onnutte navelstreng na haar geboorte. Tom Egbers is de prettige volwassen
anchor zonder de groteske adjectieven van Jack en de onbegrijpelijke psychoanalyses
van Mart.
Met frisse moed en optimistisch als het voorjaar zie ik uit naar de komende 50 jaar
Studio Sport.
Bob Rooyens


Circus Rens.
Geinig ventje, die Peter Jan Rens.
In 1989, Joop van den Ende was net gestruikeld over TV 10
en door de Nederlandse omroepen ‘kalt gestellt’, vroeg John
de Mol mij of ik een speciale ‘Doet’ ie’t of doet ‘ie ’t niet’ wilde
maken.
Het programma was gekoppeld aan een loterij en diende
landelijke aandacht te genereren voor het werk van
‘Humanitas’. Tot dan toe was ‘Doet’ ie ‘t geheel in
overeenstemming met het toenmalige zelfbeeld van de Mol,
een mager tribuneshowtje.
Ik nam mijn eigen vormgevers en technische crew mee en
veranderde het tribuneshowtje in een echte televisieshow.
De Mol stond erbij en kon zijn ogen niet geloven. Joop lag
op z’n rug en hij was toegetreden tot de crème van de
Nederlandse showbusiness.
(Later volgden nog ‘Loveletters’ en de “100’.000 Show maar
daarover bij een andere gelegenheid meer.)
Peter Jan Rens zei tegen mij, dat hij het altijd al zo gewild
had maar dat de Mol zijn visie nooit begrepen had.
Willem Ruis was al een paar jaar dood en niemand had
gezien dat hij P.J. Rens het in zich had om die leegte te
vullen. Nou kon ik vrij makkelijk de verschillen zien, omdat
ik bij de laatste serie Sterrenshows als regisseur intensief
met Willem had samengewerkt.
De Mol vroeg of ik, na de Humanitas show, ook de komende
serie Doet ‘ie ’t zou willen regisseren. Ik stond niet te
dringen. John wel. De persoonlijke verhoudingen waren in
die tijd goed. Dat daar alleen een zakelijke afweging aan ten
grondslag lag, realiseerde ik me toen niet. Voor mij waren de
persoonlijke verhoudingen doorslaggevend om toe te
stemmen.
2 Seizoenen heb ik het programma gemodelleerd en
geregisseerd. Peter Jan bedong bij de Mol, dat hij nu ook in
navolging van Willem Ruis, mocht stralen in
productienummers. Zingen, dansen het circus Rens zou de
showbusiness verrijken met zijn nog onbekende talenten.
Vaak tenenkrommende ellende die overeind bleef,
omdat choreografie en beeldtaal palen sloegen die
voorkwamen dat P.J. omviel.
Tijdens gezamenlijke maaltijden met de staf, bleek dat het
zelfbeeld van Peter Jan soms groter was dan zijn hersens
aankonden. Hij schoolmeesterde gretig zijn gehoor met
wijsheden en opvattingen waaruit je de lucht hoorde
ontsnappen als een stiekem gelaten windje. Sommigen
roken het niet, anderen wilden het niet ruiken en
bejubelden het windje als een verrukkelijk parfum.
Je kon in zijn ogen zien, dat hij zelf niet meer wist waar hij
het over had. Toch zag hij kans om anderen te laten geloven
in een verhaal, waarover hij onderweg de controle al was
kwijt geraakt.
Peter Jan was voor zichzelf en voor het incestueuze kliekje
om hem heen het epicentrum van de wereld.
Een gladde praatjesmaker, een fysiotherapeut met woorden
wiens showtalenten niet groter waren, dan de plastic
bekertjes, plastic ballen en luchtballonnen die John de Mol
in zijn programma’s recyclede.
Nadat ‘Doet ‘ie ‘t’ ter ziele was gegaan, heeft de Mol en
misschien ook wel anderen het circus Rens nog op allerlei
concepten losgelaten. Ik herinner mij een tragische
talkshow. Niets beklijfde. Lege praatjes bleken ook niet meer
te zijn dan lege praatjes. Het circus verdween naar Thailand.
Over allerlei kunstjes die hij daar heeft vertoond wemelt het
van verslagen en geruchten op het internet.
Nu is het circus terug en vindt hij met een nieuw nummertje
luchtfietsen serieus entré bij kranten, bladen, radio en
televisie. Het is crisis, op Schiphol valt een Boeing 737 in
stukken op de polderbaan, het is nog volop winter maar in
de media is de komkommertijd al begonnen.
25.2.’09
Bob Rooyens

Heerlijk eerlijk Heertje. (2)
Naar aanleiding van de uitzending van 20 februari
kom ik nog een keer terug op het programma van
Raoul Heertje. (column 17.1.’09)
Het grote misverstand in het programma is, dat er
niet één werkelijkheid bestaat en dat alles manipulatie is.
De televisie-esthetiek: het licht, het decor, de aankleding,
de taal, zijn vormgevingselementen die verwachtingen
scheppen en de afspraak met de ontvanger aangaan,
duiden of bevestigen.
De beeldgrammatica manipuleert door keuzes van uitsnedes
en overgangen, het oog en daarmee het hart.
Heertje’s programma is niet de werkelijkheid achter de
afgesproken werkelijkheid; het programma is Heertje.
Was het de zoektocht naar een gedefinieerd idee, dan
zou het team de ideeën kunnen toetsen aan de definitie.
De definitie is Heertje. Een bijzondere man, die zich niet
langer wenst te verbergen achter een grap, maar die
zichzelf als kwetsbaar, onzeker, nieuwsgierig mens
onbewust tot inhoud heeft gemaakt.
De redactievergaderingen die aanvankelijk een nogal
manifest deel waren van het programma, zijn inmiddels
geminimaliseerd. De spaarzame shots die daarvan nog
gebruikt worden, laten Heertje aan het woord en tonen
een nogal radeloos team dat niet de indruk maakt Heertje
nog te kunnen volgen.
De aflevering van gisteravond begint met Heertje in de
biechtstoel. Eindeloze confessies in jumpshotdiarree.
Mijn aandacht verflauwde. Van een rondje zappen werd
ik ook niet vrolijker. Terug naar Heertje.
En toen zag ik iets dat mij deed denken aan de schok die
Monty Python veroorzaakte begin jaren 70. Wat ik zag
was eigenlijk nog beter omdat hier de werkelijkheid en
de groteske ongeëvenaard op elkaar botsten. Heertje
interviewde Harry Mens waarbij hij niet alleen de vragen
stelde maar op basis van eerdere interviews ook de
antwoorden gaf. Zelden zo’n mooie ontluistering gezien als
in het gezicht van Mens. Z’n enkele opmerkingen om quasi
leuk te anticiperen sloegen dood op z’n kwaaie kop en de
hulpeloosheid van z’n taal.
Geniale televisie met een afscheid in het café dat ontroerde
door Heertje’s onbevangenheid en Harrie’s
ongemakkelijkheid.
De afsluiting in de biechtstoel had nou net weer niet
gemoeten. Soms is ‘less’ echt ‘more’.
21.2.’09
Bob Rooyens

Debat
Monter zakte hij onderuit achter zijn bureau in het Torentje.
Z’n blik, die soms in de hitte van het debat fel de grote zaal in pookte, stond mild.
Hij sloot z'n ogen en zag Femke.
Ergens had hij eens gelezen dat ze op zondagochtend naakt door het huis
liep. Hij kon daarna nooit meer met haar debatteren, zonder daaraan te denken.
't Maakte hem bij voorbaat al tot een winner. Wat ze ook aantrok, hij keek er
dwars doorheen. Wat ze ook zei, hij zag altijd meer dan woorden.
Getoast brood, kopje jasmijnthee en blote billen op de leren bank.
Dat lag wel even anders met Agnes.
Die is zo gedreven, dat haar lichaam schokt en wankelt onder een overgewicht
aan verontwaardiging.
Bizar voor zo'n anorexia-plantje.
Was de hele oppositie maar van het soortelijk gewicht van Agnes.
Voorspelbaar als het weer van gisteren.
Met name zij was zo'n heerlijke trigger om zijn gekwetste integriteit aan te
jagen. Even een kleine pauze, een woedende blik en dan kon hij, in een half
verstaanbare brei van woorden, de moraliteit van christelijke
rechtschapenheid uitspuwen, over de ongelovigen.
Hij was er in de loop der jaren best goed in geworden.
Met het ventje Pechtold, neusje omhoog, parmantig borstje vooruit, éénmaal
andermaal op de tong, had hij de goeie balans nog niet helemaal gevonden.
Toen van Mierlo bij P&W, statsmännisch boven de partijen uitsteeg en zei; dat
het controlerecht van het parlement niet kan worden weggegeven, was hij wel
even jaloers geweest. Ademloos hadden ze naar hem geluisterd. 
Het boven de partijen uitsteken wilde nog maar niet lukken. Ging hij met een
goed verhaal naar de televisiestudio, dan kwam steevast elke actualiteitenrubriek
of talkshow met die onvermijdelijke mantra: ‘laten we even
het geheugen opfrissen’ een zin die als een epidemische ziekte zijn optredens
verpeste. Altijd weer het beeld dat hij de bal niet in een opening kreeg zo groot
als de IJtunnel  en natuurlijk hoe hij op z’n bek ging op het skateboard.

Terugdenkend aan de verkiezingen, kon hij een gevoel van lichte triomf niet
onderdrukken. Maxim had de schandpaal opgericht met die prachtige one-
liner: 'Met Bos ben je de klos' en hijzelf mocht Bos eraan nagelen met:
'U draait en u bent niet eerlijk'.
Een vuistslag waardoor de PvdA de verkiezingen verloor.
'n Geniale strategie. Dat douceurtje aan Jack de Vries was dik verdiend.
En wat kan er nu nog misgaan?
Aan alle kanten gedekt, door van Geel,  Slob en Hamer.
Zijn eigen heilige drie-eenheid. Pieter, een transpirerend nerveus wrak, met
feminine-gebaartjes en holle retoriek, maar voor de partij het ideale vaantje
voor alle streken van de politieke windroos. En Arie, een leuk schoothondje.
Blaft nooit, likt braaf de hand, een echte knuffel.
Mariëtte hulpeloze blik: Ik wil wel, maar ik mag niet.
Alles een beetje uitgezakt. Motoriek, taal, hoofd, lijf, argumentatie,
respect geloof, hoop en liefde.
Een glimlach krulde zijn lippen toen hij terugdacht aan zijn laatste
briljante zet. Twee toverwoorden, meer was er niet voor nodig:
commissie en onafhankelijk. Een verdwijntruc waar Hans Klok nog een
puntje aan kon zuigen. Toch zeker een jaar geen gezeur meer over Irak.
Kaltgestellt!

Z'n gedachten dwaalden af naar Beetsterzwaag.
Daar had hij Bos mooi in het pak genaaid.
'Alles goed en wel Wouter, maar Irak gaat op slot.'.
Heerlijke tijd.
Politiek was veel minder ingewikkeld dan hij dacht toen Piet-Hein hem nog
souffleerde.
Primus inter pares.
Dat voelde goed. Hij de primus, die het in de contemporaine geschiedenis
gelukt was, om het parlement te verbouwen tot machteloos praathuis.
Een betere strateeg had Nederland sinds Piet Hein (nee niet die) Michiel
Adriaanszoon en Tromp niet meer gehad. Hij mocht het niet meer hardop
zeggen, maar kom op hé, hij is toch de verpersoonlijking van de VOC mentaliteit.
LPF geëlimineerd. De Partij van de Arbeid teruggetrimd tot repeteergeweer
met losse flodders. Het onderzoek naar de Nederlandse deelname aan de
Irak-oorlog uit de parlementaire democratische controle geweerd.
Goed gedaan J.P., dacht hij bij zichzelf.
Zijn blik dwaalde door de ruimte.
OK, geen Oval Office, maar qua vorm leek het er toch verdomd veel op.
Bob Rooyens
5.2.’09



Heerlijk eerlijk Heertje.
De queeste van Raoul Heertje naar de
echtheid achter de gespeelde werkelijkheid
van televisie is interessant, maar leidt in de
huidige vorm noch tot ontluistering van de
code, noch tot inzicht in het bedrog.
Het programma is een idee zonder vorm.
Het is een soms tragische worsteling van
de stand-up comedian in Heertje met de
zoeker naar de echtheid in Heertje.
Het programma zelf is een hartverwarmende
mislukking door de onmachtige vormgeving.
Er is geen sluitende gedachte en als gevolg
daarvan ook geen sluitend concept.
Daardoor wordt het programma het
getroebleerde tegendeel van wat het
beoogt te zijn.
Het signaleert niks, zeker niet wanneer het
voortdurend zichzelf analyseert.
De ontmaskering ligt niet bij de integere
intenties van Heertje, maar juist bij de
minder integere misvormde codes van
andere programma’s.
Ga vissen bij de ‘De Wereld draait door’
of bij ‘Pauw en Witteman’ en het programma
mits goed geproduceerd en met visie en
intelligentie geregisseerd, wordt spannend
en onthullend.
Heertje probeert in zichzelf en binnen zijn
productieteam te ontdekken wie de echtheid
manipuleert.
Dat is niet interessant. Het is ook geen fair
deal tegenover de gasten die hij vraagt.
Onthul wie er liegt in de programma’s die
door een groot publiek worden geslikt
als integer en waar.

Leer van het aanwezige publiek bij de opname.
De verwarring is groot.
De standup comedian werkt niet in deze setting.
Een grap wordt niet begrepen want het complot
met het publiek is dat we serieus op zoek zijn
naar de echtheid van alles en iedereen.
Grappen nemen die gedachte niet serieus.
Dus wordt er niet gelachen.
Het programma is de gekunstelde valkuil
van zichzelf geworden.

Er is iets veel groter aan de hand, dan wat
Heertje tracht te achterhalen in televisie.
Het is de versluierende taal van politici.
Gemakzuchtige journalistiek
die eerder de knipselmap gebruikt dan de
eigen onbevooroordeelde speurneus.
Een minister-president die zich verzet tegen
de kernwaarde van democratie: controle!
Dit versus een publiek dat alles in de krant
of op televisie als waar ervaart.
Ogylvi en Char doen ons geloven dat er
naast de onze een parallelle wereld bestaat.
De gelovigen janken tranen met tuiten.
Albert Verlinde doet ons geloven dat de
mensen die hij niet mag ook niet deugen.
De gelovigen in Verlinde stropen de mouwen op.
Het lijkt onbegonnen werk om de oplichting
van de waarheid en de beïnvloeding van het
gezonde verstand te ontmaskeren.
Heertje zoekt het dicht bij zichzelf en blikt
daarbij verrast en naïef om zich heen.
Alles in hem toont op een geweldig lieve
en integere manier aan, dat hij de emotionele
en cognitieve manipulatie van het publiek
wil doorzien en aantonen,

Hij omringd zich daarbij met mensen die zelf
deel zijn van het oude complot. Spigt ken ik niet.
Lijkt mij een integere vrouw, maar is ook deel
van een coterie die elkaar hééél erg goed vinden.
Voor promotie van haar nieuwe CD weet ze daar ook
heel goed gebruik van te maken. Niks op tegen,
maar niet geschikt om te ontrafelen.
Inhoudelijk waren de "Buitenhof's" onder van Friesland
prima in orde. Qua vormgeving was het onder zijn
verantwoordelijkheid toen, evenals nu van een
rampzalig armoede.
En dat is de grote makke van het Heerlijk eerlijk Heertje
programma (wie was er nou zo geil op die truttige alliteratie?)
Er is noch bij inhoud noch bij regie iemand die in staat is
om idee en vorm samen te brengen als twee
passende helften van een ritssluiting.
Het is zowel redactioneel als vorm een treurige
chaos. Het programma verteld niet, wat het beoogt
te vertellen.
Iemand heeft bedacht dat de regisseur ook een
functionaliteit moest dienen binnen de parameters
van het concept.
We zien een regiekamer en een man die roept: TWEE!
Waar slaat dit in godsnaam op?
Goed idee. Slecht omgezet in programma en net zo
beroerd omgezet in vorm.
16.1.'09
Bob Rooyens

 

17.1.'09
Er is op televisie nauwelijks nog sprake van een
kritische benadering. Met af en toe een eenzame
uitschieter van Pauw, is P&W ook zo'n voorgekookt
uurtje televisie.
Nu Henk Hagoord, de nieuwe morele bewaker
van de publieke omroep, heeft laten weten, dat er te
weinig rechtse geluiden hoor- en zichtbaar zijn,
leidt het navelstaren bij actualiteitenrubrieken
tot steeds meer zouteloze gesprekken.
De angst om te worden bekritiseerd
is de journalistieke pokon tot zelfcensuur.
Bij het coterietje van Mathijs van Nieuwkerk
was likken, parfumeren, aaien en zegenen nog wel
eens de dekmantel voor een venijnige valkuil.
Inmiddels produceert de bakoven van 'De wereld
draait door' alsmaar hetzelfde ouwe jongens krentenbrood
en wordt de platvloersheid van Gorden en de
glibberigheid van Jack de Vries al net zo
breed lachend en gezellig omarmd als de
prettige aanwezigheid van Halina Reijn
als sidekick voor zoete koek.
IJdeltuiterij is ook zo'n hinderlijk
bijproduct van interviewers.
Clairy Polak, hoofd schuin, gezicht in een
glimlachende grimas mist door haar focus
op het vragenlijstje nogal eens de openingen
die de verborgen waarheid, naar buiten zou
kunnen brengen.
Meesterlijk is ook haar vermogen om gesprekken
samen te vatten in een opsomming, die de
herhaling is van het zojuist gevoerde gesprek.
Voor zover althans de weergave juist is en
niet gecorrigeerd wordt door de geïnterviewde.
Dan gaat zowel het gesprek als de samenvatting
daarvan in de herhaling.
Maar er gloort hoop.
Peter van der Vorst die vaak maar net
droge voeten houdt bij het geslijm en
gekwijl dat zo rijkelijk uit alle lichaams-
openingen van Albert Verlinde vloeit,
toont zich in zijn nieuwe programma '
Van der Vorst ziet sterren' een interessante
eigenzinnige interviewer.
Waar Niehe aait en streelt om tussen
hem en geïnterviewde een gezellig complot
te smeden, is Peter van der Vorst borstelig,
kritisch soms op het cynische af.
Interviewers die op bezoek gaan bij een 'ster'
zijn geneigd die naar de mond te praten.
Dat kan duiden op een overdaad aan respect,
maar veelal is het een (onuitgesproken)
afspraak om elkaar wel een plezier,
maar geen pijn te doen.
De mantra die de uitwisselbaarheid van
interviews dekt, heet: 'we hebben elkaar nodig'.
Ogylvi was de perfecte man voor de 'van der
Vorst' aanpak. Een labiele man die ondanks
zijn succes een nogal ongelukkige indruk maakt.
Veel emotie weinig cognitie.
Ik ben heel nieuwsgierig hoe het Peter vergaat
bij een ster die slimmer is en zich niet laat
opnaaien door argwaan, kritiek en twijfel.
Voorlopig ben ik enthousiast en hoop dat hij
zijn verfrissende eigenwijze toon vasthoudt.
Bob Rooyens



11 september ‘08

Radio1
Gefeliciteerd de vertrutting van Radio 1
is geslaagd. Presentatoren hebben zich de
toon aangemeten van de verpleegster
tegenover de demente bejaarde en de hurkzit gevonden
om het kleutertje luisterpubliek te bereiken.

Om de luisteraar helemaal rijp te maken voor de
psychiatrisch-dynamische kliniek  heeft de
zendercoördinator ook nog bedacht dat het
een verbetering zou zijn, als hij bestaande
programma's op een ander uur programmeert
dan tot nu toe. Daarbij raak je tot op het bot
doorweekt van de jingels en bumpers die
als motregen op je neerdrenzen.

Om half twaalf giebelt de de presentatie over
de vindingrijkheid van een op rijm gezette weergave
van een gesprek dat in werkelijkheid een uur
duurde maar blijkt te kunnen worden samengevat
in een Sinterklaasrijm van 30 seconden.
..en ja hoor gelukkig is er een creatieve geest
opgestaan die de actualiteit heeft samengepropt
in een spellutjûh waarbij lontjes
worden aangestoken en nieuwsraketten
worden gelanceerd.
Camus schreef: een huwelijk gaat
vanzelf over in hechten en gewennen. Veel
luisteraars zullen de zender wel op hebben
staan uit gewoonte. Van een zender die met interessante
signalen het brainframe prikkelt, vervlakt het aanbod
wat mij betreft tot behang waar je langskijkt.
Voor de provincies Utrecht en Noord-Holland ligt
de redding Godzijdank direct naast Radio 1 en
heet BNR.
Bob Rooyens

 

2 september 2008

Het dominerende genre van het Nederlandse tv-amusement
is de schuifdeurtelevisie. Het is het vermaak waarmee de
‘leuke’ oom en het ‘getalenteerde’ nichtje de familie ontroert
en amuseert op verjaardagsfeestjes.
De gelauwerde en gekroonde koning van het genre is Paul
de Leeuw.
Hij is de leuke oom, de platte boer, de standwerker, de
nar, de provocateur, de lolbroek die zijn programma
letterlijk tussen de schuifdeuren presenteert.
Bij Paul vonkt het van de invallen, creativiteit, passie en
drive. Zijn gedrevenheid is naast z’n kracht, misschien ook
wel zijn grootste zwakte. De noodzaak die hij zichzelf oplegt
om op ongeveer elke reactie van zijn gasten ad rem te
reageren is behalve de trampoline die zijn opmerkingen laat
stuiteren tussen leedvermaak, gêne en ontwapenende spot,
tegelijk de valkuil van botheid, platheid en misplaatstheid.
Veel doet het er niet toe. Paul heeft taboes geslecht en met
tomeloze energie het televisieamusement opgeschud.
Hij heeft zijn lintje verdiend.  
Niet dat ik als kijker geniet van zijn talent. Ik kan er zelden
om lachen en moet vaak denken aan een opmerking van de
oude ‘Kraay’. Die zei eens bij een voorstelling in Carré van
een artiest die algemeen gezien werd als een groot talent:
’ ..wat kan die man hard werken’!
Dramatisch smakeloos zijn de talloze andere programma’s
waar het dédain van de makers voor programma en
kandidaten vanaf druipt als rioolwater.
Snel in elkaar gerotzooide formats, in goedkope decors of op
bestaande locaties met een lullig zetstukje. Programma’s die
getoetst worden aan een panel dat vrijwel altijd wordt
gerekruteerd uit de grabbelton met de bekende
Nederlanders. Een dieptepunt in het genre vond ik de
Million Dollar Wedding. Niks tegen Wendy van Dijk.
Heerlijke meid, de ideale ‘girl next door’. Liefde en bedrog in
de liefde lijken haar vitaliteit te hebben aangescherpt.
Verdriet ging over haar heen als Katrina over New Orleans,
maar de negatieve energie was haar catharsis. Krachtig en
gelouterd vatte zij het tegenstribbelende monster van de
showbusiness weer bij de strot.  
Nu heeft RTL haar opgezouten met een schuifdeurenshow,
die perverteert, obsceen is en de laagste gemene deler van
het sentiment uitbaat bij de jacht op succes.
Over het onvermijdelijke panel zwijg ik maar. Zelden zoveel
onbenul in één programma bij elkaar geveegd zien worden.
‘Can’t buy me love’ is ook weer zo’n slecht bij elkaar gejat
programma. Van den Ende vertelde in Zomergasten dat
tijdens zijn bewind bij Endemol er drie jaar lang op
universiteiten werd gezocht naar kader voor zijn bedrijf.
Dat getuigde van het inzicht dat opleiding er toe doet.
Hij zei ook, dat hij die talenten met universitaire
achtergrond nu op allerlei plaatsen weer tegenkomt in
managementfuncties bij productiemaatschappijen en
omroepen. Dat ze daar deel zijn geworden van een industrie
die de trash produceert waar hij zich tegen afzet toont aan
dat marketing en management een veel hogere prioriteit
hebben dan creativiteit, smaak, liefde en aandacht voor het
programma.
Eerlijkheidshalve moet ik daar wel aan toevoegen, dat Joop
meerdere malen in onze samenwerking getoond heeft dat
hij het programma belangrijker vond dan het behalen van
de maximale winst. Die houding is voorbij.
Eyeworks, overigens een maatschappij waar van den Ende
een belang in heeft, is een typisch voorbeeld van jattelevisie
en winstbejag.
Oerlemans stapelt shitprogramma’s op elkaar als oom
Dagobert Duck gouden dukaten.
Het grootste virus dat televisie bedreigt heet ‘beter goed gejat
dan slecht bedacht’. De zin wordt met trots uitgesproken.
Het stelen van iemand anders’ gedachtegoed steekt men als
een creatieve veer in de eigen reet. Men beleefd het als de
voltrekking van een slimme geuzendaad.
Ik kan er geen enkel respect voor opbrengen. Het is de
ultieme uiting van creatieve armoede door niets anders
aangejaagd dan misplaatste ijdelheid en hebzucht.
Producenten jagen allemaal op dezelfde 10 a 12 procent
kijkers van dezelfde soort met dezelfde soort programma’s.
Dat zijn er zo’n anderhalf miljoen en echt niet meer. Zet
twee gelijksoortige programma’s tegenover elkaar en je zult
zien, dat ze samen weer uitkomen op hetzelfde aantal kijkers.
Zou er bij die academici van Joop nou niemand zijn die
inziet dat 90% meer is dan 10?
Bob Rooyens  - 
wordt vervolgd.

 

Column 3.2.2008 door
Bob Rooyens

P&W

Het was schrikken!
Paul Witteman, die met een byzantinistische houding,
serviele blik en empatisch gedrag, Joran van der Sloot
heeeeel erg bedankte voor zijn bereidheid om zijn, door
de actualiteit van Peter R. achterhaalde leugens en ge-
draaikont, te voorzien van nieuwe vaagheden.
Zij blik straalde liefdevolle sterkte uit naar de huichel-
achtige tiener.
Ik geef toe, dat het programma zelf bij mij regelmatig
jeuk veroorzaakt door de voorspelbaarheid van de
interviews en de beeldbegeleiding.
Is er een leuk meisje, of gast met een klein deficiënt in haar
of zijn verleden, nou dan weten ze bij P&W je dat nog wel
een keer aan te wrijven.
De volstrekt zinloze zappservice, die niets anders
doet dan het reproduceren van stukjes informatie die
al een keer of vijf eerder op de dag door anderen zijn
vertoond, tekent de creatieve leegheid van de redactie.
Het valt mij op dat Witteman ook steeds vaker zwijgt en
de lead van het gesprek overlaat aan Pietje Bel.
Ik verheug mij op een nieuwe irritatie als “God zij Dank”
de EO het overneemt van de zelfgenoegzame P&W.

 

 

Column 25.12.2004 door
Bob Rooyens

Het is nogal stuitend, zoals de 'anchors' en 'stootkussens'
van Studio Sport zich in het poepgat van John de Mol aan het
persen zijn. De sfeer bij die club, waar regelmatig hoog wordt opge-
geven over moraal en ethiek, moet ofwel totaal verziekt zijn, of je
hebt hier te maken met journalisten en commentatoren, die zonder
enige scrupule hun integriteit verkwanselen aan de hoogste bieder.
De gretigheid waarmee ze zich beschikbaar stellen duidt er sterk
op dat kritische overwegingen, zoals de journalistieke onafhankelijk-
heid, geen rol speelt. Het vurige pleidooi van dit koor voor het belang
van onafhankelijke verslaggeving door een hoogwaardige publieke omroep,
versus sportverslaggeving die het belang dient van handige zakenlieden,
heb ik (op Stekelenburg en Bob Spaak (87) na) niet gehoord.
Zodra sport als winstobject er belang bij heeft negatieve bijeffecten te
verdonkeremanen dan begint het manipuleren van de werkelijkheid
en daar zou je als integere journalist of verslaggever niet aan mee
moeten willen werken.
Het gemengd koor uit Studio Sport wekt de gretige indruk om voor
iedereen te willen zingen die een kwartje meer in de gleuf werpt.
Dit koor zingt vals. Moet je daar als Studio Sport nou wel mee verder
willen. Mag je daarvan een weerbaarheid, ambitie, creativiteit en inzet
verwachten, die de competitie op geniale wijze pareert?

Als ik de Mol was, zou ik er nog eens goed over nadenken of ik die op
geld beluste koppen, waar het gebrek aan loyaliteit en integriteit zo
vanaf straalt, wel op mijn zender zou willen!

De Mol is een illusionist. Gewaagd aan Copperfield laat hij heel
veel mensen geloven, wat ze graag willen geloven. Zoals besturen
van voetbalclubs die denken dat een paar duizend Euro meer aan
rechtenopbrengst beter is voor hun club en beter is voor het betaalde
voetbal. Die rekensom, op hoge toon georkestreerd door Michael van
Praag
zou ook nog wel eens heel anders kunnen uitpakken, als
mensen doorkrijgen, dat hun voetbal steeds meer een kassa en steeds
minder voetbal zal zijn. De demagogische oorvijgen die 'van Praag'
uitdeelde aan het 2e kamerlid Atsma (CDA) maakten wel duidelijk hoe
de van Praag doctrine in elkaar zit. De politiek moet z'n kop houden
en de NOS kan oprotten. Atsma staat er alleen voor. Andere politieke
partijen vinden het wel best zo.
Voor de VVD, loopt het op rolletjes.
Het criterium van marktaandelen zal er binnen afzienbare tijd
voor zorgen, dat de Publieke Omroep wel terug kan van drie, naar
twee zenders. Het meest tragische aan die ontwikkeling is het gebrek
aan cohesie tussen de Publieke Omroepen zelf. Krachteloos en mach-
teloos is het verweer tegen de oprukkende marginalisering.
De slag om te overleven als Publieke Omroep kent helaas geen
generaals waarmee je die strijd kansrijk kan aangaan.
De slag om het voetbal is verloren.
Je kan je afvragen of het voetbal gediend wordt met slippendragers die
journalistiek de gewenste canon van 'their masters voice' zingen.
Van tevoren afgesproken vraaggesprekjes die gemakkelijk glijden
op het slijm van belangenverstrengeling, zijn niet bepaald een prikke-
ling voor de journalistieke onafhankelijkheid. Nou is er met die
afgesproken vraaggesprekjes sowieso iets heel fundamenteels mis.
In mijn speech voor het Omroepcongres in 2002 heb ik al gewezen
op deze operetteachtige schertsvertoningen. De opvattingen van Raoul
Heertje, in Nova van 23 december jongstleden, waren mij dan ook
uit het hart gegrepen.

In het 'VEB-magazine' dat zichzelf afficheert als 'het Grootste
onafhankelijke beleggersmagazine'
onthult John de Mol in een
opmerkelijk interview het één en ander over zijn denken en handelen.

'Begin 2003 had hij een belang van 10% in Versatel. Aankoop
variërend tussen 30 en 48 eurocent. Een jaar later was het aandeel
gestegen naar € 2,30. Dat vond John wel een redelijk niveau om te
verkopen.'
Knap! Een winst van zo'n 800 % in een jaar. Goed gedaan!

 

Even verderop zegt hij: '....ik vind dat aandeelhouders onvoldoende
trouw zijn aan de onderneming. Ze stappen in en met een paar
dubbeltjes winst stappen ze alweer uit. Ze zouden een grotere
loyaliteit aan de dag moeten leggen.' (!)
...en een klein stukje verder: 'Bij Talpa Capital wordt het vermogen
professioneel beheerd. Daar wordt ook aan daytrading gedaan.
's Ochtends in ING en 's middags er weer uit.'


'John' is zonder twijfel een geniale zakenman en z'n opvattingen over
'Steve Jobs' deel ik van A tot Z, maar de enige consistentie die ik in
bovenstaande citaten kan ontdekken is die van geld verdienen. De
trouw die hij bij aandeelhouders onvoldoende aanwezig acht is
hemzelf vreemd. Ontrouw als de profijtelijke aanjager voor persoonlijk
gewin neemt hij liever een ander kwalijk.

Betrokkenen, KNVB, Clubs , John de Mol en Politiek den Haag ,
zeggen dat het voetbal op een open, voor iedereen toegankelijk, net te
zien zal zijn. Het enige dat verandert is het nummertje op de
afstandbediener.
Dat is onjuist!

Wie niet op de kabel is aangesloten kan Nickelodeon niet ontvangen.
Tenzij, men bereidt is een contract af te sluiten met Canal+.
Uiteraard tegen betaling.
De dooddoener van het open net, is een bij elkaar gelogen doekje
voor het bloeden. Veel politieke woordvoerders, dekken het
ongemakkelijke wondje toe, door het gewoon te negeren.

Wat voor soort regisseur zal de Mol gaan inzetten op de wedstrijden?
Ik gok op volgzame types. Geen relletjes of spreekkoren in beeld.
Geen microfoons in de nabijheid van dug-out, fans, scheids of grens.

Geen herhalingen van doodtrappen en andere verminkingen.
Een enkel voorzichtig elleboogje kan misschien nog wel, om vooral de
illusie van echtheid te suggereren.
De wedstrijden zullen worden opgeleukt met Gordon, Jolink, Froger
Cheergirls en andere gezelligheid.
Er zullen shots gemaakt worden waarin (geheel terloops uiteraard)
reclame-uitingen zichtbaar zullen zijn en de pauzes zullen worden
gevuld met commercials, onderbroken door wat gemelk, aan het
stamboekvee uit de stal van Kees Jansma.

De teloorgang van het publieke bestel heeft mede door deze
ontwikkeling definitief haar beslag gekregen. Mede door deze
ontwikkeling omdat de grootste schuld niet ligt bij handige
zakenmensen met opportunistische meelopers, maar bij de Publieke
Omroep zelf. Teveel na-aap programma's, teveel trendvolger van de
commercie, teveel opdrachten verstrekken aan oppervlakkige licht-
gewicht productiemaatschappijen. Te weinig eigen nieuwe program-
mering, te weinig steun, begeleiding en opleiding van talenten, te
weinig identiteit, te weinig samenhang, te weinig vuist, te weinig
eenheid, te weinig visionair, te weinig personality.
Daarbij komt dat de politieke trend haar verantwoordelijkheid op
talloze gebieden afdoet met marktwerking. Laat de wal het schip
maar keren. Een laissez-faire mentaliteit die een heel land in ver-
warring heeft gebracht. De politiek is in meerderheid niet geïnte-
resseerd in een sterke publieke omroep.
Spijt komt altijd achteraf, als het......

Bob Rooyens